Skip navigation and go to main content
Het afgelopen jaar heb ik diverse conferenties bezocht, maar de week waarin ik me nu bevind is anders. Al was het alleen al vanwege de naam: Houseparty.
Samen met de Nederlandse Jaco Oversluizen ben ik vanaf woensdag in Sheffield in gezelschap van Letten, Denen, Amerikanen, Fransen en Engelsen. Deze kerk/netwerk werd in 2001 gesticht en het kreeg de naam ‘Crowded house’, met een knipoog naar de Australische band met diezelfde naam.
Aan de basis van de Crowded House staan Steve Timmis en Tim Chester. De kerk bestaat uit 10 ‘gospelcommunities’ in Sheffield en 4 in een studenten stad met de naam Loughborough. De communities komen door de week bij elkaar en delen hun leven, met elkaar en met mensen waarmee ze zich verbinden. Op zondag is er een ‘gathering’, een centrale bijeenkomst waarbij meerdere groepen samenkomen. Volgens het gastgezin waar ik verblijf zijn dat meestal zo’n 100 mensen. “Niet iedereen komt daar. Mensen hebben al zoveel contact door de week dat ze de zondag niet als het belangrijkste moment zien”. Statistisch gezien is de kerk met ruim 200 leden niet zo groot en nog sterk in ontwikkeling. Hun impact is wereldwijd aanzienlijk.
In het boek ‘Total Church’ beschrijven Timmis en Chester de theologische onderbouwing en dat vindt weerklank in een brede kring. Het boek werd in Nederland uitgebracht en door de Media Alliance en gelanceerd tijdens een uitpuilende conferentie eind april 2011. Er zijn in ieder geval vertalingen in het Nederlands en het Deens en ik hoorde vandaag dat een van de boeken van Chester zelfs in het Nepalees is vertaald. Ook andere landen zijn geïnteresseerd. Wat zeker bijdraagt aan de impact van Crowded House is dat ze veel materiaal produceren. Boeken en een compleet curriculum dat onder de naam ‘Porterbrook’ verschijnt. Een onderwijsprogramma in modules dat degelijk is en geschikt als theologisch fundament voor mensen die verantwoordelijkheid dragen binnen de communities.
Wat ze doen in de Crowded House gebeurt op basis van een doorleefde theologie. Evangelie en het dagelijks leven worden steeds verbonden. De theologische lijnen zijn niet vernieuwend, zijn orthodox, maar de manier waarop het tot leven komt vind ik indrukwekkend. Het is toepasbaar in een tijd waarin veel kerken zoeken naar manieren om het goede nieuws van de Bijbel handen en voeten te geven, vlees te laten worden. De leiders van Crowded House zijn netwerkers en bewegen zich strategisch met relevante netwerken, kerken en organisaties zoals Redeemer in New York, een dynamisch netwerk in de VS van ‘somacommunities’ met Jeff Vanderstel als inspirerend theoloog en pionier en de kerkplantingsbeweging ‘Acts 29’.
Deze week is eigenlijk een soort praktijkstage gecombineerd met een theoretische onderbouwing. De visie is uitgewerkt rond ‘gospel’, evangelie. Het evangelie wordt vanuit de heilshistorische lijn van schepping, zondeval, verzoening, transformatie/herstel knap als basis neergezet. Ze kunnen dat uitleggen vanuit ‘Slimfit’, een afvalprogramma en vanuit de marketingstrategie van Coca Cola. Daarbij is het de uitdaging om het verhaal van de Bijbel te verbinden met het eigen leven. Vervolgens krijgen we les over ‘Gospel Community, Gospel mission, Gospel vision en Gospel Joy´. Het is allemaal doordacht, zit goed in elkaar.
De theorie is 50% van wat we hier doen. Mooi is dat er duidelijk wordt aangegeven: “This is what we intent to be”. Ze laten een hoge standaard zien in de visie, waarden, onderbouwing. Maar het besef dat er veel mis gaat en de bereidheid om dat ook te laten zien vind ik bijzonder. Ze onderstrepen dat het hard werken is en dat is bemoedigend (hoe vreemd dat misschien ook klinkt). Iemand zei vanochtend: “Als je niet probeert omdat je bang bent dat het mislukt, dan zul je nooit weten of het gelukt was als je het wel had geprobeerd”.
We gaan veel mee op pad en schuiven aan tafel bij mensen die actief zijn in de Gospelcommunities. Dat helpt om theorie te vertalen naar de praktijk. Ik merk dat ik het boek Total Church nu nóg een keer moet lezen. Maar nu vanuit de lens waarmee ik het heb zien functioneren in de praktijk en vanuit de passie waarmee mensen vertellen over wat ze doen en waarom ze het doen. We zijn mee geweest de wijk in, een aantal deelnemers gingen mee maaltijden uitdelen aan mensen die in de marge van de samenleving terecht zijn gekomen. De crisis krijgt zo een gezicht en dat snijdt diep in Engeland. We bezochten een Koerdisch restaurant samen met Samuel die twee jaar in Koerdistan verbleef en nu verbinding legt met Koerden in Sheffield. We gingen eerst eten. Daarna naar een bovenzaal van het restaurant waar een stuk of tien mannen domino, rummikub en back gammon spelen. Veel van de mannen zijn single en komen na hun werk daarnaar toe. We worden door Ahmet ingewijd in de Koerdische regels van rummikub (en dat is hoe het echt hoort!) Ahmet is moslim, hij geeft zelf aan dat dit niet zoveel voorstelt. “Onder Saddam moest je moslim zijn en dan ook nog soenniet, als je dat niet was dan liep je gevaar.” Hij is geïnteresseerd in het christelijk geloof, gaat zondag waarschijnlijk mee naar een dienst. Dat Samuel christen is dat weet hij, en dat weten al die mannen die vrijwel allemaal een moslimachtergrond hebben. Ik zie hoe natuurlijk Samuel zich beweegt, communiceert en zich verbindt met de mensen van deze bijzondere bevolkingsgroep.
Het wordt tijd om de balans op te maken. Wat me vooral puzzelt is de vraag hoe het kan dat deze mensen met een ongelooflijke toewijding hun leven delen met elkaar en met de relaties die ontstaan vanuit de mensen op wie ze zich focussen. Vaak zijn dat mensen in de marge. De gemeenschap waar het christelijk geloof geleefd wordt heeft prioriteit in het ritme van hun leven. Keuzes worden doordacht vanuit de consequenties die het heeft voor de gemeenschap. Dit is een ‘way of living’. Veel mensen zullen daar tegenaan hikken. Wil ik dat wel, wat het kost het me? Tegelijk vraag ik me af of we die vraag wel vooraf moeten beantwoorden. Een mens is gemaakt om te leven in relatie tot anderen en ten diepste schreeuwt de wereld – en de kerkmensen net zo goed - om echte relaties, een plek waar je jezelf mag zijn. Misschien is het zaak om het gewoon maar te gaan doen. Een avond in de week vrij maken. Om dan te ervaren dat jezelf verandert en dat je gemeenschap verandert en dat je ervaart dat die gemeenschap impact kan hebben op de samenleving.
Ik heb mijn vragen hier en daar. Niet omdat ik kritisch wil zijn - zo zit ik niet in elkaar - maar om ze verder te doordenken wat de implicaties zijn. Wat betekent ‘gospelintentionality’ precies? Is er dan toch niet die verborgen agenda: ‘ik wil je vriend zijn, maar dan moet je eigenlijk wel gaan geloven?’ Hoe orthodox kun je zijn als gemeenschap midden in de samenleving bijvoorbeeld als het gaat om de rol van de vrouw in leidinggevende posities? Ik proef passie voor het Woord, voor gemeenschap en voor missie, maar… Misschien moet ik die laatste opmerking even bewaren. Morgen gaat het over ‘gospeljoy’, de blijdschap. Daar wil ik graag meer over horen, want op de een of andere manier zoek ik nog naar die geestelijke dimensie of beat die mijn hart sneller laat kloppen en me in beweging doet komen. Dat mag je van een houseparty toch verwachten…
Rudolf Setz